Op maandag 15 maart heb ik na bijna 6 maanden en een mooie busrit langsheen de Lindel Pass mn ouders teruggezien... Zij waren een beetje jaloers dat ik in Nieuw-Zeeland, een land waar ze ook altijd al naartoe wouden, zat en zijn dan ook maar voor een dikke 2 weken afgekomen. :-) Het weerzien is zonder traantjes verlopen, er was dan ook vanalles om over te babbelen (ookal zeggen ze dat er op het thuisfront nooit veel gebeurd als je weg bent voor een langere periode, wat mijn thuisfront betreft was dit toch wel enigszins anders)...
De volgende dag zijn we, na een nachtje in een sjiek hotel waar het ontbijt wat tegenviel wegens een stroompanne in Queenstown, ons huisje voor de volgende 2 weken gaan ophalen: een Britz-mobilhome. Na deze valgestampt te hebben met onze bagage en eten voor een paar dagen konden we op weg gaan. De eindbestemming die dag was de oostkust van het zuideiland, ergens in de buurt van Moeraki. Onderweg zijn we gestopt aan dé bungyjump-brug in Queenstown (er stond te veel volk te wachten en doordat we nog vele km's moesten afleggen die dag, heb ik toen niet gesprongen), hebben we veel Merinoschaapjes gezien in het bergachtige landschap en hebben mn ouders kennis mogen maken met 1 van de redenen waarom Nieuw-Zeeland zo mooi is: regen :-) Een ander vaak minder leuk maar in Nieuw-Zeeland veel voorkomend weersverschijnsel is wind! Dat hebben we de dag nadien tijdens ons bezoek aan de Moeraki Boulders (een strand met grote ronde stenen) en onze zoektocht naar pinguins, albatrossen en zeehonden mogen ondervinden. De beestjes vonden het weer ook iets te wild denk ik en we hebben enkel zeehonden kunnen spotten... Later bleek ook dat veel pinguins de vissen (op hun tocht naar andere streken) volgen en dus voor enkele maanden niet echt meer te zien zijn in Nieuw-Zeeland. De wind was ook nog volop aanwezig tijdens ons bezoek aan de Catlin Coast (de zuidelijke kust van het zuideiland). Daar hebben we onder andere mooie en spectaculaire watervallen, een versteend woud uit het Jura-tijdperk, woeste zee langs de ene kant en een groen, bergachtig landschap langs de andere kant van de baan gezien.
Vrijdag 19 maart zijn we richting Fiordland gereden. Na Te Anau, de grootste 'stad' in Fiordland, verkend te hebben, zijn we naar Milford Sound gereden. Tijdens de bochtige tocht daar naartoe konden we genieten van prachtige uitzichten over de fjorden in de zon (we hadden dus niet 1 van de 200 regendagen die ze daar elk jaar hebben), reden we door de Homertunnel, zagen we eeuwige sneeuw omgeven door (eeuwige) Japanners en maakten mn ouders kennis met de leuke, bijtende sandflies die talrijk aanwezig zijn in Fiordland. Aangekomen in Milford Sound hebben we een cruise (met het kleinste bootje dat er lag zodat we overal dicht bij konden geraken) gemaakt om die fjord in al zn pracht en praal te kunnen bewonderen: watervallen, grotten, regenbogen, een olifantenrots en natuurlijk vele (al dan niet besneeuwde) bergen en bomen. De dag nadien hadden we jammer genoeg wel 1 van die 200 regendagen waardoor we nog meer watervallen dan op onze heentocht gezien hebben :-) We hebben die dag dus vooral in de mobilhome en winkeltjes doorgebracht. In de late namiddag kwam het zonnetje er echter weer door en tegen dat we op onze eindbestemming, Arrowtown, waren was de hemel weer helemaal blauw! Arrowtown is een oud goudmijnstadje vlakbij Queenstown en langs een rivier, die enkele jaren geleden dienst heeft gedaan als de Arrow River waar Arwen de Nazgûl weg wist te jagen in The Lord of the Rings (jaja, we hebben de Lord of the Rings Location Quidebook gekocht :-) ), ligt. We waren dus terug in de buurt van Queenstown... en zn bungyjumpbruggen! Deze keer ging ik echt springen en ik had dan ook geluk: niemand voor mij waardoor ik geen schrik kon krijgen... Die schrik kwam toch wel toen ik daar op het platform stond en naar het randje moest schuifelen... En na even naar de camera's te wuiven, was het zover: 5,4,3,2,1 en BUNGYYY!!!
Ik vond het wat enger dan het skydiven maar het was toch weer veel te snel gedaan :-D Volgepompt met adrenaline zijn we langs Lake Wanaka, Lake Hawea en de dichtbegroeide Haast Pass aan de Westkust terecht gekomen.
Onze eerste nacht aan de Westkust ging gepaard met veel regen en donder en bliksem! 's Ochtends was het weer beter, maar kon je de gevolgen van het stormweer zien: overvolle en wilde rivieren die takken en bomen meesleurden, watervallen op alle mogelijke plaatsen en afgezetten wegen. Met dat laatste hadden we niet echt rekening gehouden toen we op weg gingen naar de gletsjers. De baan naar de eerste gletsjer, Fox Glacier, was afgezet wegens overstromingen... We kregen al schrik dat we geen gletsjers te zien gingen krijgen en zijn dan ook maar gestopt aan Lake Matheson, zodat we toch al iets gezien hadden :-) We hadden een beetje meer geluk bij de 2de en grootste gletsjer, Franz Josef. Deze keer geen afgezette banen waardoor we de gletsjer toch al konden zien, maar wel afgezette wandelpaden wegens overstromingen en gevaar voor vallende rotsen... Jammer dat we de gletsjers niet van dichtbij hebben kunnen bewonderen maar we hebben er dan toch eentje kunnen zien :-) Onze lichte teleurstelling van de gletsjers was 's avonds helemaal vergeten toen we in een bos vol met glimwormpjes hadden gewandeld.
De tweede week van de mobilhome-reis zijn we gestart met een bezoek aan een kiwihuis zodat mn ouders toch ook een kiwi(vogel) hadden gezien. Daarna was het verder richting het noorden en de Punakaiki Pancake Rocks and Blowholes. Zoals de naam al zegt zijn dit rotsen in de vorm van stapels pannenkoeken. We werden getrakteerd op een mooi schouwspel van rotsen en zee onder een stralende zon. Na dit mooie bezoek, hebben we de Westkust verlaten en zijn we naar het binnenland, en meer bepaald de Nelson Lakes, gereden. Voordat we de Nelson Lakes zijn gaan verkennen, zijn we nog over de grootste swingbrug in Nieuw-Zeeland gewandeld: een wiebelige bedoening :-) De volgende ochtend stonden we op in de gietende regen, die is de hele baan naar Nelson en in Nelson aanwezig gebleven. In Nelson hebben we dan maar opnieuw onze regenbezigheid beoefend: winkeltjes (waaronder de juwelier die De Ring heeft gemaakt) afwandelen. In Nieuw-Zeeland kan het weer snel veranderen en na de middag heeft de zon de regenwolken dan ook kunnen verjagen en zijn we naar Motueka gereden waar ik had afgesproken met Elien en Maarten. Onderweg wouden we wat wijn gaan proeven maar alle winery's die we geprobeerden waren gesloten: het oogstseizoen was begonnen! Dan maar iets gaan drinken in Motueka op een terrasje in het zonnetje en in het gezelschap van Maarten en Elien. Na wat bijgebabbeld te zijn, hebben we weer afscheid genomen en zijn wij naar Kaiteriteri doorgereden terwijl Elien en Maarten richting Nelson reden.
25 maart is het zonnetje de hele dag aan onze zijde gebleven, van Kaiteriteri naar Abel Tasman en langs de Marlborough Sounds naar Picton: ze was daar! De baan naar Picton met uitzichtpunten over de Marlborough Sounds (allemaal eilandjes en schiereilandjes omgeven door helder en rustig water) was bochtig en traag maar meer dan de moeite. De dag nadien hebben we de Marlborough Sounds ook vanop het water gezien, we hebben dan namelijk de ferry naar het noordeiland genomen.
De eerste stop in het noordeiland was het Te Papa museum in Wellington. Na dit interactieve museum en een korte stadswandeling zijn we weer aan het rijden gegaan. 's Avonds zijn we op een verlaten camping beland waar we gezellig bij de stoof hebben gegeten. De volgende dag was het zonnetje, net zoals de vorige dagen, weer de hele dag aanwezig. Dat maakte het bezoek aan het vulkanische Tongariro National Park, Lake Taupo (waar ik even een skydive-flashback had toen ik mensjes aan een parachute zag hangen) en het thermische Rotorua compleet. 's Avonds was het ook nog een aangenaam weertje, ideaal voor het potluck-diner dat gehouden werd in Rotorua. We hebben daar niet aan deelgenomen maar wel op een terrasje een megagroot 'Special Dessert' gegeten. Rotorua is gekend om zn geisers, modder en zwavelbaden en bijhorende heerlijk ruikende zwaveldampen... Op onze voorlaatste dag hebben we dan ook een bezoek gebracht aan een park met al deze dingen: het Te Puia park. De grootste geiser daar spoot elk uur 1 à 2 keer veel water tot 30m hoog in de lucht, van een spectakel gesproken, de Japanners waren er helemaal weg van ;-) Daarna was het tijd om richting Auckland te rijden waar we de volgende dag, onze laatste dag, de mobilhome moesten inleveren. Na alles ingepakt te hebben en gedropt te hebben in het hotel, zijn we Dyann een laatste bezoekje gaan brengen en wat gaan wandelen in Mission Bay. De rest van de dag hebben we nog wat geshopt en gewoon genoten van onze laatste dag in Nieuw-Zeeland.
Op 30 maart zat mijn reisje er op en ben ik, samen met mn ouders, terug naar de andere kant van de wereld gevlogen... De 40-u durende terugreis is zonder problemen verlopen en 6 films, 18500 foto's en vele kilometers later was ik terug in België waar het veel te koud is! :-)

