Op zondag 15 november zijn we, samen met de sympathieke, roze-geklede crew, gaan zeilen met een ex-racezeilboot, de Ragamuffin. In tegenstelling tot de vorige dagen was er juist op die dag niet zo veel wind waardoor er van echt zeilen jammer genoeg niet veel van in huis is gekomen. De zeilen werden wel gehezen maar de motor was nodig om ons tussen de verschillende Whitsunday Islands te laveren tot de eindbestemming: Whithaven Beach op Whitsunday Island, raar maar waar het belangrijkste eiland van de eilandengroep ;-) Daar werden we getrakteerd op een 7km-lang wit strand waar we onder een stralende zon gelunched en gebeachvolleybald hebben.
Maandag, 16 november, was het tijd (door het slechte weer zijn we iets langer in Airlie Beach gebleven waardoor ons tijdschema iets krapper is geworden) om onze tocht langs de Bruce Highway tussen Cairns en Brisbane verder te zetten. De Bruce Highway is de grootste baan tussen deze 2 steden, maar bestaat toch vaak maar uit 1 rijvak per richting waardoor het soms oppassen geblazen is wanneer er een "oversized vehicle" (grote trucks met veel te brede dingen op hun oplegger) passeert. Gelukkig worden deze vrachtwagens meestal goed aangegeven door meerijdende autotjes zoals de groene en rode vlag-auto bij de koers in Vlaanderen. Langs de landkant van de highway zijn er in de verte zo goed als altijd bergen te zien, langs de kustkant daarentegen is er meer variatie in het landschap: zee, bergen, grote vlakten... Vlak naast de baan zijn er afwisselend suikerrietvelden, bossen die duidelijk al 1 of meerdere "bushfires" hebben meegemaakt en dorre velden (waar een kudde zebra's of giraffen niet op zou misstaan) met hier en daar een paar koeien, te zien. Maandagavond hebben we overnacht op een camping in Yeppoon, daar hebben we een interessant Zwitsers koppel ontmoet: hij maakt foto's voor bedrijven zoals Mammut (bv ski-actiefoto's) en zij is een weervrouw in Zwitserland :-)
Dinsdag zijn we verder doorgereden naar de "beef"-stad Rockhampton (of korter Rocky). Onderweg zijn we een kijkje gaan nemen bij het Singing Ship in Emu Park en hebben we gezien hoe een "beef bus" (een dubbeldekkervrachtwagen die vol koeien zit) wordt gelost. Tegen de middag hadden we een nieuwe camping waar we de schaduw konden opzoeken en afkoelen. Na de regen van de vorige week, maken we nu een Australische hittegolf mee: het was blijkbaar al even gelden dat de temperatuur hier richting 40°C is gegaan. Rond een uur of 4 werd de hitte wat draaglijker en dachten we nog een wandeling doorheen de plaatselijke zoo te maken, die had echter juist zn deuren dicht gedaan waardoor onze wandeling beperkt bleef tot de Botanical Gardens. Na de korte wandeling zijn we natuurlijk een steak gaan eten, twas een lekker beestje! Daarna was het alweer tijd om in onze tent te kruipen om goed uitgeslapen te zijn want de volgende dag stond er een farmstay in de Myella-farm op het programma. We werden om 6u30 (de dagen beginnen en eindigen hier altijd vroeg aangezien de zon al op is om 5u en al is verdwenen tegen 19u) opgehaald door (droogstoppel) Shane die op de farm werkt. Na een stevig ontbijt (met toastjes die op een originele manier geroosterd werden) zijn we gaan paardrijden op de farm. Mijn paard, Whyskey had er niet veel zin in: eerst wou ze niet meestappen, tijdens de rit was er geen vaart in te krijgen en wanneer we er bijna waren, waren we plots de eerste... We zullen het maar op de hitte steken zeker dat Whyskey niet veel zin had, de temperatuur heeft namelijk de kaap van de 40°C bereikt! Na de salade-lunch en de babykangoeroe zn melkflesje te geven, hebben we een motorcross-initiatie gekregen en hebben we een ritje naar de "sunset"-berg gemaakt. Jammer dat we voor het donker (er is hier amper straatverlichting en 's nachts zijn er veel overstekende kangoeroes) al terug naar onze camping moesten... Het motorrijden was meer mn ding dan het paardrijden, het zal in de genen zitten zeker...
De dag nadien zijn we na een "pancakes"-ontbijt doorgereden naar Bundaberg, de stad van de Bundaberg Rum. Daar hebben we uiteraard een bezoekje gebracht aan de Bundaberg Rum-distillerij en rum geproefd. 's Avonds hebben we onze tentjes naast het Mon Repos National Park neergezet. In het Mon Repos-park konden we vanaf 19u schildpadden, die hun eitjes op het strand komen leggen, gaan spotten. Aangezien wij in groep 3 zaten, werd ons geduld het langs op de proef gesteld en konden we pas na 22u het strand op om een eileggende schildpad te zoeken. Nadat het beestje 99 eitjes had gelegd, baande ze haar opnieuw een weg over het strand naar het frisse zeewater (na een paar dagen voor de kust te verblijven, zal ze terug aan land komen voor een of meerdere volgende eilegbeurten). Aangezien ze haar nest niet ver genoeg op het strand had gemaakt, werd er verderop een nieuw en veiliger nest gegraven en mochten we helpen om de pingpongbal-achtige eitjes te verleggen naar hun nieuwe thuis. In het terugkeren naar de basis van het park, bleek er nog een schildpad aan land te zijn, ook deze was niet ver genoeg het strand opgekropen. Wij waren vrijwilligers om opnieuw de eitjes te verleggen, deze keer waren het er meer dan 100! Het was een enorm leuke maar vermoeiende dag en we waren dan ook blij om onze tentjes in te kruipen.
Na een korte nachtrust, tegen 7u dreven we als het ware uit onze tent door de warmte, en een verfrissende ochtendduik in de zee reden we verder naar het kuststadje Noosa. Daar aangekomen hebben we direct een verblijfplaats gezocht en dankzij de Tourist Information ook direct gevonden: een mooi appartementje met 2 slaapkamers, keuken met ovenen afwasmachine, 2 badkamers... Gewoonweg alles is aanwezig en dit voor nog geen €25/p/nacht (slechts een beetje duurder dan een nacht in een dorm in een jeugdherberg)! Wat een luxe na anderhalve maand in jeugdherbergen, guesthouses of op matjes in een tent door te brengen! Na een ijsje en strandwandeling hebben we ons gewaagd aan een stuk kangoeroevlees (natuurlijk zelf gebakken in onze mooie keuken), het was verrassend lekker vlees met een zoete smaak. Zaterdagmorgen zijn we 3u gaan wandelen in het Noosa National Park, een aangename wandeling doorheen bossen (waar we jammer genoeg geen koala's hebben gezien zoals we eigelijk gehoopt hadden) en langs de kust. Daarna hebben we geprofiteerd van de wasmachine in ons appartementje, (een iets te late) verjaardagstaart gegeten, nog wat rondgeslenterd in het Mediterraans-achtige, gezellige beachstadje, een Australische krant gekocht (waar op de voorpagina van de wereldnieuwskatern een grote foto van Van Rompuy prijkte, België zal niet snel helemala uit onze geheugens gewist worden ;-) ) en natuurlijk uitgebreid gekookt in het keukentje, gastronomisch zoals we zijn :-) We zijn hier veel te snel gewend geraakt aan het appartementsleventje...
Vandaag hebben we, na een zondagontbijt met broodjes uit de oven want koffiekoeken kennen ze hier jammer genoeg niet, het appartementje met de zachte bedden achtergelaten om verder naar het zuiden te rijden. Via de Sunshine Coast, de Glasshouse Mountains, het laatste stuk van de Bruce Highway, Daisy Hill Koala Sanctuary en de moderne, grote stad Brisbane zijn we op een camping ten zuiden van Brisbane beland. Morgen rijden we naar de Gold Coast, op zoek naar een ideale surflocatie...
Tot surfs!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Beste Inez,
BeantwoordenVerwijderenHad uw paardje nu Whiskey of Bundaberg geheten, het zou wel goesting hebben gehad. Wat teld is dat je goed bent aangekomen. Dat moterrijden je beter ligt spreekt voor zich hé, ge hebt de trilling in uw benen.
En van Rompuy is vorig jaar nog in Australand geweest, op Black Ayer. Misschien kennen ze hem daar nog van. Nee, ik denk dat de titel die hij nu heeft meer indruk maakt.
Ik hoop dat je een fijne surfervaring mag hebben, maar pas op de eitjes!
grt
Hugo
xx